Pensioenen weer in de problemen

pensioenSlecht nieuws. De pensioenen van ambtenaren en voormalige zorgmedewerkers, gaan in de komende tien jaar zeer waarschijnlijk niet omhoog. De fondsen kampen al jaren met problemen, maar nadat de rente zo laag is gebleven en de strikte pensioenwet tot stand is gekomen, is deze barslechte conclusie getrokken.

Slecht derde kwartaal voor fondsen

Het pensioen stijgt niet meer met de inflatie mee, waardoor de koopkracht van gepensioneerden al jaren daalt. Dat de pensioenfondsen het moeilijk hebben door de crisis, is natuurlijk al langer bekend. In het derde kwartaal van 2014 werd bekend dat de dekkingsgraad van ambtenarenfonds ABP, het grootste pensioenfonds van Nederland, opnieuw gedaald is. Deze daalde van 106,7 naar 103,1 procent wat beneden de minimumgrens van 104 procent ligt. Ook andere grote fondsen Zorg & Welzijn, bpfBouw en metaalfondsen PMT en PME zagen hun dekkingsgraad teruglopen. Een korting van de pensioenen ligt volgens ABP niet in de vooruitzichten. Daarbij is vastgesteld dat we in de komende tien jaar geen verhoging van de pensioenen hoeven te verwachten.

Betere periode

We leven steeds langer en daarvoor lijken we allemaal de rekening te moeten betalen. Afgelopen jaar leek het echter een stuk beter te gaan. De fondsen hadden in het kwartaal ervoor nog flink verdiend op de beurs. Uiteindelijk is het de lage rente die voor problemen zorgt. Pensioenfondsen dienen een dekkingsgraad van 125 te halen om volledig te kunnen indexeren. De dalende rente, deels gecompenseerd door de stijgende koersen, heeft ertoe geleid dat de fondsen daar ver onder zitten. Op zich betekent dit niet dat dit voor ons meteen tot problemen leidt. Vanwege de nieuwe pensioenwet hoeft er niet automatisch gekort te gaan worden en met de regering is afgestemd dat 2015 een overgangsjaar wordt. Maar dit houdt wel in dat het nog lang kan duren voordat de fondsen zich kunnen herstellen.

opa-kleinkind-rtlnieuws

Nieuwe pensioenwet

De VVD, PvdA en de oppositiepartijen D66, de SGP en de ChristenUnie werden het onlangs eens over een nieuwe pensioenwet. Dit houdt kortgezegd in dat in goede periodes de pensioenfondsen hogere buffers moeten opbouwen van minimaal 110 procent van de totale pensioenverplichtingen, maar in slechte tijden minder hoeven te korten. Fondsen die weer genoeg geld ter beschikking hebben kunnen dan eerder eventuele bevriezingen of verlagingen van de pensioenen aanpassen. Er is afgesproken dat zij dit in een termijn van vijf jaar moeten inhalen, mits de dekkingsgraad van 130 procent is behaald.

Hogere buffers betekenen automatisch dat er in de toekomst ook genoeg geld voor onze (klein)kinderen is. Momenteel geldt er nog een buffereis van 105 procent. Als een fonds ongeveer een jaar te weinig in kas heeft, moet datzelfde jaar begonnen worden met het korten op pensioenen. En dat gaan we natuurlijk merken. Ook al zal deze korting over een aantal jaren verspreid worden, dat we het merken in onze portemonnee is logisch.

Hoe nu verder?

Alle pensioenfondsen moeten vanaf volgend jaar inzichtelijk maken wat hun plannen zijn en hoe er gereageerd wordt op een eventuele toekomstige terugval. De plannen moeten in die mate duidelijk zijn voor alle pensioengerechtigden dat wij onmiddellijk te horen krijgen wat er gaat gebeuren als de dekkingsgraad nog meer daalt. Of dat gaat gebeuren is nog maar de vraag, maar dat is pas merkbaar bij dergelijkse scenario’s. Daarnaast bekijken de vijf partijen nog eens goed hoezeer de rente kan worden aangepast, omdat deze veel lager is als bijvoorbeeld bij verzekeringsmaatschappijen. En aangezien de lage rente de grote oorzaak is van de pensioenterreur, is het noodzakelijk dit te evalueren. Kortom, echt rooskleurig ziet de toekomst van onze pensioenen er niet uit. Maar we moeten proberen om positief te blijven, ook in deze tijden. Gelukkig zijn er nog genoeg leuke dingen te doen, bijvoorbeeld samen met de kleinkinderen, waar niet zoveel geld voor nodig is. Een mooie boomhut bouwen bijvoorbeeld; genieten van de kleine dingen.

 

Tags: , ,